zaterdag 19 oktober 2013

Eten voor den export: crème van artisjok en aardappelgratin met sjalotten

Mijne maat in Zottegem heeft vanavond bezoek in huis en ik zorg voor teten. Er was een tijd dat ik dat wel vaker deed. Op feestjes van vrienden gaan koken en zo. Ik deed dat graag: met iemand anders zijn geld boodschappen doen en dan eens helemaal loos gaan voor 20, 30 of zelfs 100 man. Mij allemaal gelijk.

Ik wou er geen bijverdienste van maken. Ik kook alleen zo ontzettend graag en ik wou mezelf ook wel testen. Hoe goed kon ik dat eigenlijk allemaal coördineren? Kreeg ik dat wel allemaal voor elkaar? Ja dus, dat ging. Maar op den duur werd ik gebeld door vrienden van de gasten van mijn vrienden, mensen waar ik nog nooit van gehoord had. En om daar dan van veurdevoorniet mijn nestel te staan afdraaien, daar werd ik eigenlijk niet echt gelukkig van. Ik heb me meer dan eens de bedenking gemaakt dat als je de centen hebt om met drank en tafeldecoratie te smijten en een nieuw kleedselke met bijpassende gellnagels te kopen, je dan ook maar bereid moet zijn om voor de catering te betalen. Of anders niet te feesten. Of zelf te koken. Enfin, er zelf geld voor vragen was echt zwartwerk. En dat zag ik niet zitten. Dus nee, ge moet mij niet meer bellen. Ik doe het toch niet meer.

Ik kook nog wel eens "voor den export" voor hele goede vrienden (ik heb ondertussen ook geleerd wie dat zijn) en familie. Voor de rest doe ik daar niets meer mee. Gezien de meneer uit Zottegem al bijna 18 jaar mijne maat is, valt hij onder de categorie "gij moogt mij alles vragen, gij". In dit geval: zelfs vlees klaarmaken, en iets met vis en zo. Niet dat ik er zelf van ga eten, maar ja, vandaag ruikt de keuken naar beenhouwerij.

Naast de afdeling vis en vleeswaren heb ik wel nog een aantal bijgerechten klaargemaakt die hier wel kunnen staan.

Voor bij den aperitief is er een crème van artisjok. Daarvoor heb ik een potje artisjokbodems in de cutter gedaan met flink wat platte peterselie, een dikke soeplepel of twee mascarpone, peper en grof zout en wat limoensap.


Het resultaat is iets heel fris voor op een toastje.



Voor bij de osso bucco heb ik een aardappelgratin gemaakt. Daar valt niet veel over te vertellen: rauwe aardappels in dunne schijfjes (keukenrobot, ah ja!) in een schaal leggen, overgieten met een mengsel van room, peper, zout en fijngemalen look, een laagje fijne schijfjes sjalot en wat gemalen kaas erover. Repeat een keer of vier na elkaar:


En dan in de oven laten pruttelen op goed 170 graden en ik weet niet meer hoe lang maar 't zal toch al rap een drie kwartier geweest zijn. Mens, ik heb goesting om dat korstje er af te trekken om zo op te peuzelen. En goed ruiken dat dat doet...!


1 opmerking:

  1. Het siert je, en ik had niets anders verwacht, dat je niet aan zwartwerk doet, maar dat je voor heel goede maten toch even afwijkt. Enne, het ziet er heel lekker uit.

    BeantwoordenVerwijderen