vrijdag 28 juni 2013

Cake, gewoon cake. Met vanalles, of course

How I hate the word cupcakes. Al dat geprol met suikerpasta is gewoon knutseltherapie, en heeft bitter weinig met bakken van doen. Nah!

Bakken, dat is wat je leert van je moeder. Enfin, ik toch. Ik heb het onwaarschijnlijke geluk van een moeder te hebben die niet alleen de beste moeder ever is (ze leest mee, ja, maar daarom is het niet minder gemeend), ze kan ook potverdekke een aardig potje verzetten in de keuken.

Ik heb helaas haar andere huishoudelijke talenten niet geërfd, maar het kook- en bakvirus zit echt in de familie. Mijn grootmoeder was beslagen in de klassieke burgerkeuken en wereldkampioen hutsepot maken. Bij mijn andere grootmoeder werd voor zover ik me herinner niet zo uitgebreid gekookt, maar wel lekker. Konijn met Brabants bier en zo... stevige, ouderwetse, eerlijke kost.

Als klein meisje stond ik al compleet betoverd in de keuken te gapen. Champignons schoonmaken, appels schillen en deegkommen uitlikken, daar was ik altijd voor te vinden. Een aantal van mijn basisrecepten zijn van mijn moeders makelij: pannenkoeken, chocomousse en cake.

Haar cakerecept heb ik wel wat aangepast. Zo klopte zij de eiwitten afzonderlijk en zo. Maar van een vriendin leerde ik dat dat eigenlijk alleen maar afwas genereert, en tegenwoordig maak ik deegbeslag meestal in één kom: boter smelten, suiker erbij en loskloppen, eieren op hun geheel erbij en opkloppen, bloem erbij en verder kloppen, bakvorm in, oven in en that's it. Supersnel en supersimpel.

De hoeveelheden:

  • 200 gram boter
  • 200 gram suiker
  • 4 eieren
  • 250 gram bloem

Vandaag heb ik de boel wat in een andere volgorde aangepakt. Vraag mij niet waarom, ik zou het niet weten. Ik heb om wellicht dezelfde onduidelijke reden ook een dubbele hoeveelheid gemaakt. Maar het is net zo goed gelukt. 

400 gram boter gesmolten in de microgolfoven (hé, daar gebruik ik die blijkbaar ook voor).


In een grote kom 8 eieren opgeklopt met 400 gram suiker tot dat mengsel bleek en een beetje schuimig was.


Terwijl je met één hand aan het mixeren bent, proberen om 500 gram zelfrijzende bloem af te wegen is géén goed idee. Vooral niet als je dat in een veel te klein potje probeert te doen.



Gesmolten boter bij het deeg doen en de bloem toevoegen en blijven kloppen tot het eruit ziet zoals het smaakt: zijdezacht en zalig zoet.

Ik heb het deeg opgedeeld in drie porties.

Cake met chocolade en citroencustard (daarmee was die pot dan ook weer leeg).


Cake met kriekenjam en crème de casis


De rest van het deeg heb ik gemengd met amaretto en gemalen amandelen. Een laagje in de bakvorm en dan van die latjes chocolade die je gebruikt om chocoladebroodjes mee te maken en dan nog een laagje deeg er bovenop.



De porties die in cuvettes gebakken worden zijn - een beetje afhankelijk van hoe vloeibaar je vulling is - klaar in 25 minuten of zo. In een echte cakevorm (voor de helft gevuld) gok ik op een 40-45 minuten.



Ik snap trouwens echt niet waarom die vormpjes altijd uit dat afschuwelijk slappe papier gemaakt zijn. Zet ze zonder steun op een bakplaat en ze gaan meteen aan alle kanten scheefzakken en lekken en zo. Ik probeer ze dus zo stevig mogelijk te ondersteunen zonder per bakplaat max. zes stuks te kunnen bakken. Daardoor zullen de kriekencakejes eerder vierkant zijn dan rond, maar daar valt mee te leven.



Eindresultaat gezien, geproefd en goedgekeurd:

Geen opmerkingen:

Een reactie posten